Senga Bay 28-03 (A)Ze zijn er! Hans en Moos in
Afrika! Met een klein vliegtuigje via Nairobi in Lilongwe
uit de lucht komen vallen. Aankomst was typische Moos: er
stonden twee bussen klaar om de passagiers te vervoeren. Ineens
schoot Moos tussen de twee bussen door en zwaaide met beide
armen in de lucht naar ons. Wij stonden, samen met 200 locals,
op de balustrade van de terminal zo'n 50 meter verderop en
joelden en zwaaiden terug. Op het moment dat Moos zich omdraaide
om de bus in de stappen, reed deze net weg. Zij al zwaaiend en
roepend erachteraan maar het mocht niet baten, bus reed door.
Grote hilariteit bij ons en de andere 200 mensen op de
balustrade. Moos keerde zich om en was nog net op tijd om in bus
twee te springen. Wat een leuk weerzien. We waren allemaal een
beetje sentimenteel en hebben naast Cliff op het parkeerterrein
maar even een biertje genomen om het te vieren. Moosje
heeft de laatste weken als een idioot moeten werken om weg te
kunnen. Hans heeft haar achter de computer moeten voeren anders
had ze het niet gehaald. Nu zijn zij (en wij) lekker een
paar dagen aan het bijkomen op een fijn strandje aan Lake
Malawi.
Maar de week hieraan voorafgaand is er natuurlijk ook nog het
e.e.a. gepasseerd. We hadden een tussenstop in Lilongwe gemaakt
om eens even 'bij te internetten', onze boodschappenkar vol te
gooien bij Shoprite (inclusief Camembert en Chardonnay's). Tja,
het blijft behelpen hier in Afrika. We wilden graag gaan
kamperen in een park aan de rivier de Shire. Het park was te
bereiken maar de kampeerplaats (30km verderop in het park)
niet zeiden ze bij de ingang. De dag ervoor waren er nog twee
Zwitsers vast komen te zitten die er door de rangers uitgesleept
moesten worden. Dat was wel erg jammer. Maar, we konden ook bij
een lodge overnachten die een paar kilometer in het park lag. We
stonden even te overleggen wat te doen, toen er een andere man
langs liep die zei: "het heeft de afgelopen week niet geregend,
dus misschien lukt het wel". Dat was niet tegen dovemansoren
gezegd en hup daar gingen we, richting kamp. De eerste vijf
kilometer was prima te doen maar ineens stonden we voor een
enorme baggerpartij. "Dat wordt niks" zei ik tegen John". "Ach,
daar komen we wel doorheen hoor", was zijn response. Ik stelde
voor om dan in ieder geval maar even te voet de blubber nader te
gaan inspecteren. "Maar we mogen de auto niet uit, er staan
grote borden bij de ingang waarop gewaarschuwd wordt voor
olifanten". Ik zei "John, het gras is een halve meter hoog en
het is verder open terrein, zie jij ergens een olifant?". (we
hebben zo om de beurt onze dappere dagen) . Nee, nergens een
olifant te bekennen. Wij eruit, de Tsetse van ons wegslaand. Het
zag er niet goed uit. Erg diepe sporen waarbij je tot aan je
chassis wegzakt. En we konden zien dat een wagen het geprobeerd
had maar ook niet verder gekomen was. Dat waren waarschijnlijk
de Zwitsers die eruit gesleept waren. Dus avontuur ten einde en
rechtsomkeer naar de lodge bij de ingang. En wat een prettige
verrassing was dat. Kampeerplaats uitkijkend over de
heuvels beneden ons en over de langzaam stromende rivier in de
verte. Bij de lodge/guesthouse een heerlijke overkapte veranda
met luie stoelen. De eigenaar, Darren, was een blanke Malawi die
jaren geleden de een na hoogste positie bij de Verenigde Naties
in Afrika had bekleed. Hij had in vele Afrikaanse landen gewoond
en gewerkt en was vijf jaar geleden deze lodge in Liwonde Park
begonnen. Hij was een magere, ketting rokende veertiger in
safari outfit met veel kennis van allerlei zaken die ervan hield
z'n eigen stem te horen. Samen met hem en z'n assistente Nicky
hebben we in de lodge gedineerd. Onder andere een heerlijke beef
roast en apple crumble pie gegeten. Dit in combinatie met de
verhalen van Darren maakte het weer een erg vermakelijke avond.
|
|
|
Rubber tappen
|
|
|
|
Druk dorpje en route naar Cape Maclear
|
|
|
|
|
Malawi dorp
|
|
|
|
Liwonde National Park
|
|
|
|
|
Waterbuck
|
|
|
|
Waterbuck oever Shire River
|
|
|
|
|
Toch maar rechtdoor gegaan
|
|
|
|
En route Liwonde
|
|
|
|
|
Visarend in poeltje ?
|
|
|
|
Waterlelies
|
|
|
Volgende dag zijn we terug naar Lake Malawi gereden en hebben
we in een klein dorpje bij Cape Maclear in een guesthouse aan
het strand gelogeerd. Het guesthouse lag midden in het dorp en
als je 's morgens aan het standje zat en links en rechts van je
keek zag je overal vrouwen de was en afwas doen en kinderen hun
ochtendbad nemen. In het dorp werd er door een
Franse ondernemer, Pierre, een nieuw, luxe hotel aan het strand
gebouwd. Totdat het af zou zijn, logeerden hij en z'n vrouw in
hetzelfde guesthouse als waar wij verbleven. Ze kwamen die
ochtend in zwemkleding tevoorschijn en liepen richting het
strand. Zij een petit Française en hij een hele grote, enorm
dikke man met een kunststof onderbeen. Eenmaal in het water deed
hij het been af en ging met z'n vrouw baantjes trekken. Het
kunststof been dobberde zachtjes op de golven, tot grote
verbijstering van de dorpsbewoners. Een meisje dat haar haar aan
het wassen was bleef met haar handen op het hoofd en met haar
mond open staan kijken en een jongetje die het wel erg eng vond
verschuilde zich achter een palmboom en gluurde voorzichtig
langs de stam naar het drijvende been. Ze konden hun ogen
er niet vanaf houden. Dit duurde voort totdat de Fransman weer
naar de kant kwam, het been leeggooide, weer onderdeed en al
soppend het strand verliet, de dorpsbewoners in ongeloof
en ons rollend door het zand van het lachen, achterlatend.
|
|
|
Strand Cape Maclear
|
|
|
|
|
|
Hans en John op visjacht
|
|
|
|
Het werk is gedaan
|
|
|
|
|
Oliebollen te koop
|
|
|
|
De indrukwekkende vangst
|
|
|
|
|
Zal ik ja of nee effe de kano pakken
|
|
|
|
Een kleine troost voor Anne
|
|
|
verder met Zambia1